Noten bij Het wezen moet verschijnen van René van Delft

pag.
33‘De meester in zijn wijsheid gist’ Staring
36‘De Zee, de Zee klotst voort in eindeloze deining’ Willem Kloos
36‘Alle uiterlijke verschijning is slechts symbool van een innerlijk wezen’; http://home.wxs.nl/~vrind/spaan/grondbeginselen.htm Als toelichting bij Goethe: ‘Alles Vergängliche / Ist nur ein Gleichnis’, Goethe, Faust.
38‘Plato zelf had dat argument tegen zijn ideeënleer ook al bedacht.’ Namelijk: in zijn dialoog Parmenides.
39‘Rare jongens’: Obelix
44‘Het wezen moet verschijnen’: Hegel, o.a. Enz I, par 131
55‘dat de daad het ware zijn van de mens uitmaakt’: Hegel, Fenomenologie van de geest, (Boom 119; 333)
61‘Alles is drank’: variatie op Thales van Milete: ‘Alles is water’
61‘Ik ben niet nieuwsgierig, maar ik wil wel alles weten’: mijn moeder en Apuleius: Metamorphoses of de Gouden Ezel.
62‘Waarover we niet kunnen spreken, daarop moeten we drinken’: variatie op Wittgenstein: ‘Waarover we niet kunnen spreken, daarover moeten we zwijgen’
66‘The dangerous kitchen’: nummer van Frank Zappa, op The Man From Utopia.
84‘Dingen bekijken met je eigen ogen, in plaats van via informatie van anderen, dat was toch wel het beste.’: variatie op Herakleitos: ‘Het oog is een beter getuige dan het oor’
91‘De differantie is niet’: Jacques Derrida, De differantie in Marges van de filosofie, vert. Ger Groot, Gooi & Sticht, Hilversum, 1989 (or. 1972); p.49
93‘de economie van de dood’: idem p.27
94‘Differantie is [noch] een woord, noch een begrip’: idem p.31, vgl p.36
96‘Alleen lachen: dat is ook volgens Derrida zelf de enige echte ontsnapping aan het systeem’: ‘Le rire seul excède la dialectique et le dialecticien’, Jacques Derrida, geciteerd in http://www.henkoosterling.nl/pdfs/schijn/10.pdf
96‘als je de filosofie te serieus neemt, dan neem je haar niet serieus genoeg’: Christof Ardon den Bok, geciteerd in Het wezen moet verschijnen, René van Delft, Meulenhoff 2009
97‘daarom is Foucault ook zo dol op die nep-encyclopedie van Borges’: In Les mots et les choses citeert Michel Foucault deze dierenindeling van Borges: ‘(a) dieren die aan de keizer toebehoren, (b) gebalsemde dieren, (c) tamme dieren, (d) speenvarkens, (e) zeemeerminnen, (f) mythische dieren, (g) loslopende honden, (h) dieren die in deze opsomming voorkomen, (i) dieren die trillen alsof ze kwaad zijn, (j) ontelbare dieren, (k) dieren getekend met een fijn penseel van kameelhaar, (l) andere dieren, (m) dieren die zojuist een bloemenvaas hebben gebroken, (n) dieren die van een afstand op vliegen lijken.’ Een belangrijk citaat voor Foucault.
99‘Das lebt mit einem Buch und nichts im Magen. In einer Hütte, daran Ratten nagen’; Die Dreigroschenoper, Bertolt Brecht http://juergstrassmann.ch/drama/brecht/dreigro/text.pdf
106‘de Geest Gods zwierf over de wateren’: Genesis 1:2
121‘Geef hem, die van u vraagt’: Mattheüs 5:42
124‘beproeft alles, behoudt het goede’: 1 Thess. 5:21
136‘Doe wat je wil, dat is de enige wet’: ‘Do what thou wilt shall be the whole of the Law’, , The book of the law.
165‘die volgens het onderschrift de moordenaar van een Mongoolse prins was’: de foto komt voor in Georges Bataille, De tranen van Eros.
184‘Du mußt dein Leben ändern’: Rainer Maria Rilke, Archaïscher Torso Apollos http://www.gedichtepool.de/autor/autor_r/rilke.htm
184‘Ook hier zijn goden’: Herakleitos
214‘De geslachtsgemeenschap is het hoogtepunt van de natuur. De leden versmelten in een hogere algemeenheid: de soort. In de climax ontstijgen zij het natuurlijke niveau van alleen maar naast elkaar en buiten elkaar zijn, omdat zij de ervaring van hun eenwording delen.’: Hegel, Enzyklopädie III, Zusatz b. par 381 p.20
229‘De bijbel zegt dat er iets is, nog bitterder dan de dood: de vrouw’: Prediker 7:26
229‘de grote hoer van de Bijlmermeer was dronken van het bloed van dorpelingen. En op haar gruwelijke voorhoofd was een naam geschreven, namelijk Diepzinnigheid’: variatie op: Openbaring 17:5-6 ‘En op haar voorhoofd was een naam geschreven, namelijk Verborgenheid; het grote Babylon, de moeder der hoererijen en der gruwelen der aarde. En ik zag, dat de vrouw dronken was van het bloed der heiligen’
229‘stof dat verspreid wordt. Volgens de bijbel verschillen we daarin niet van de beesten’: Prediker 3:19-20 ‘Want wat den kinderen der mensen wedervaart, dat wedervaart ook den beesten; en enerlei wedervaart hun beiden; gelijk die sterft, alzo sterft deze, en zij allen hebben enerlei adem, en de uitnemendheid der mensen boven de beesten is geen; want allen zijn zij ijdelheid. Zij gaan allen naar een plaats; zij zijn allen uit het stof, en zij keren allen weder tot het stof.’
230‘Veel wijsheid geeft veel verdriet, en wie zijn kennis uitbreidt, vergroot ook zijn ellende.’: Prediker 1:18‘Want in veel wijsheid is veel verdriet; en die wetenschap vermeerdert, vermeerdert smart.’
239‘Hysterisch historicisme’ Karl Popper - Open Society and Its Enemies http://www.scribd.com/doc/11920263/Karl-Popper-Open-Society-and-Its-Enemies
241‘behoor je niet over mensen te praten wanneer ze afwezig zijn’: Bonhoeffer ?? even kwijt waar precies; tips welkom...
243‘Sartre zei het al, dat er feitelijk geen avontuur bestaat, omdat elk begin achteraf willekeurig wordt aangewezen.’ ?? even kwijt waar precies; tips welkom...
251‘dat filosofie niet versimpeld moet worden, maar dat de ongeletterde mensen maar beter hun best moeten doen.’: Hegel, Kritisches Journal der Philosophie, geciteerd in: Inleiding, Samuel IJsseling bij Het wetenschappelijk kennen, voorwoord tot de Fenomenologie van de geest, Boom, Amsterdam, 1978, p.26:‘de filosofie moet niet afdalen naar het gewone volk, maar het gewone volk moet zich opheffen tot op het niveau van de filosofie’
251‘ik ga jullie niets vertellen over een academisch vak, want dan krijgen jullie de indruk dat je iets begrijpt van iets waar je in feite niets van begrijpt.’ Ludwig Wittgenstein ?? even kwijt waar precies; tips welkom...
253‘it is no good trying to teach people who need to be taught’: , The book of lies.
265‘Bernstein beweert dat Foucault een Heideggeriaanse draai aan zijn machtsopvatting geeft door zijn Hyppolite-lezing van Hegel.’: J.M. Bernstein on Phenomenology of the spirit, lectures: http://www.bernsteintapes.com/Hegellist.html
268‘Alles wat werkelijk is, is ook redelijk’: Enz par 6(?) en Rechtsfilosofie inl (?)
275‘De dwaas zegt in zijn hart, er is geen God’: Psalm 14:1
298‘Wees nuchter, schreef Paulus’: o.a. 1 Tessalonicenzen 5:6 ‘Zo laat ons dan niet slapen, gelijk als de anderen, maar laat ons waken, en nuchteren zijn.’
302‘dat ik me met de zaken van mijn vader moest bezig houden’: Lukas 2:49‘En Hij zeide tot hen: Wat is het, dat gij Mij gezocht hebt? Wist gij niet, dat Ik moet zijn in de dingen Mijns Vaders?’
319‘vlammen op je hoofd’: Handelingen 2:3‘En van hen werden gezien verdeelde tongen als van vuur, en het zat op een iegelijk van hen.’
322Hegel zegt al lang voor Nietzsche dat God gestorven is’: Fenomenologie van de geest: hij beaamt de harde uitspraak ‘dass Gott gestorben ist’. Zie verder: “O großer Nott! Gott selbst ist tot”: Hegel citeert een hymne van Johannes Rist (1607-1667). G.W.F. Hegel (1966), Vorlesungen über die Philosophie der Religion: Die Absolute Religion, in: Philosophische Bibliothek Band 63. Hamburg: Felix Meiner Verlag, p. 157-158.
Het wezen moet verschijnen